skip to Main Content

Marcello begon na aanvankelijk gevoetbald te hebben voor Zandvoortmeeuwen, met rugby bij RFC
HBC in Heemstede. Op zestienjarige leeftijd speelde hij al als winger in het Eerste van HBC en viel
vooral op door zijn balvaardigheid en onwaarschijnlijke snelheid. Daar zal hij ook mede zijn selectie
voor een Nederlands jeugdteam aan te danken hebben gehad. Doch toen ze bij de grens erachter
kwamen dat hij houder was van een Italiaans paspoort en dus niet voor een Nederlands
vertegenwoordigend team mocht uitkomen, stuurden ze hem terug. Jaren later kon hij zich er nog
kwaad over maken.
In de beginjaren van RFC Haarlem speelde Marcello ook daar in het Eerste, maar in 1984 maakte hij
de overstap naar AAC. Gemakkelijk was het bij AAC niet voor hem in het begin. ‘Pieter, het heeft mij
drie jaar gekost om als AAC-er geaccepteerd te worden’, vertelde hij. Zo ging het in die jaren bij AAC.
Als winger in het Eerste en het 7’s team heeft hij veel tries voor AAC gescoord. Wat Marcello als geen
ander kon was om met de bal aan de voet al dribbelend de trylijn passeren en te scoren. Ook
verdedigend stond hij zijn mannetje en hij kon zich, soms bijna letterlijk, in de tegenstander
vastbijten.
In het seizoen 89/90 hadden we de uitwedstrijd van DIOK dik verloren. Bij DIOK deed een speler mee
van uitzonderlijke klasse: David John uit Trinidad, die na dat seizoen nog voor Bristol en Bath is
uitgekomen. John scoorde zeven tries tegen ons. Voor de thuiswedstijd tegen DIOK wisselde
Marcelllo van positie en had zich voorgenomen: ‘wat er ook gebeurt, die man drukt geen try!’
Wederom verloren we de wedstrijd, ditmaal met kleine cijfers, maar de directe tegenstander van
Marcello had niet gescoord.
Marcello speelde rugby met heel zijn hart, vol passie en temperament. Als het niet ging zoals hij
wilde dan vlogen de Italiaanse verwensingen uit zijn mond. Daarin kon hij ver gaan, soms te ver. En
dan had hij daar weer spijt van en schaamde zich diep, ook daarin kon hij ver gaan.
Marcello volgde zijn hart maar had ook last van hartzeer. Wanneer hij in Nederland was dan
verlangde hij naar Italië. In Italië heeft hij nog gespeeld bij een club waar ook David Campese
speelde. Hij miste er echter het sociale aspect van rugby en wilde weer terug naar Nederland. Als een
jojo is hij meerdere keren op en neer gereisd om voor kortere of langere tijd dan weer hier dan weer
in Italië te verblijven.
Naast rugby was schilderen misschien wel zijn grootste passie. Misschien nog meer dan een passie
was het een natuurlijke drang. Bijna altijd had hij een klein notitieblokje bij zich; was het blokje er
niet dan volstond desnoods een servet. Maar hij moest zo snel mogelijk een gezicht of iets wat hij
had meegemaakt tekenen. Het ging hem daarbij vooral om de indruk die het op hem maakte. Een
voorbeeld van de indruk die rugby achterliet bij hem is het schilderij dat nog steeds in het clubhuis
van Ascrum hangt.
Marcello heeft als rugbyer, schilder en mens voor kleur in zijn en ons leven gezorgd.

Marcello was de laatste seizoenen actief bij het meehelpen met trainingen aan de AAC Turven.
Met zijn kennis van het rugby leerde hij de kinderen de basisregels van het door hem geliefde sport.
De kinderen hebben hem in hun hart gesloten.

Pieter Beelen

Hierbij een link naar de rouwkaart.

Marcello links onder met krullen tijdens sevens toernooi in Milaan.

 

Back To Top